Hoe beoordeelt u de berichtgeving dat het Israëlische parlement een wet heeft aangenomen die de doodstraf mogelijk maakt en die in de praktijk uitsluitend op Palestijnen zal worden toegepast?1
Vraag 2
Deelt u de opvatting dat een wettelijke regeling die expliciet of feitelijk onderscheid maakt op basis van nationaliteit of etniciteit bij het opleggen van de doodstraf in strijd is met het non-discriminatiebeginsel? Zo nee, waarom niet?
Vraag 3
Hoe beoordeelt u de waarschuwing van VN-experts dat toepassing van de doodstraf in de bezette Palestijnse gebieden neerkomt op een oorlogsmisdaad?2
Vraag 4
Erkent u dat het opleggen van de doodstraf door een bezettende macht aan beschermde personen onder het Vierde Verdrag van Genève in beginsel verboden is? Zo nee, waarom niet?
Vraag 5
Hoe verhoudt deze wet zich volgens u tot internationale standaarden rondom het recht op een eerlijk proces, met name gezien signalen dat rechters verplicht worden de doodstraf op te leggen en procedures worden versneld?
Vraag 6
Bent u bereid expliciet te erkennen dat deze wetgeving in strijd is met het internationaal recht, zoals ook door onafhankelijke experts en VN-rapporteurs wordt gesteld?
Vraag 7
Welke stappen zet Nederland, nationaal en in EU-verband, om deze wetgeving aan te kaarten en aan te dringen op intrekking ervan?
Vraag 8
Bent u bereid om in EU-verband of nationaal hier maatregelen aan te verbinden? Zo nee, waarom niet?
Vraag 9
Hoe past het uitblijven van concrete maatregelen tegen deze wet binnen het kabinetsbeleid om straffeloosheid wereldwijd tegen te gaan, en welke vervolgstappen overweegt u om hier invulling aan te geven?
Vraag 10
Wilt u deze vragen voor aanvang van de voortzetting van het Commissiedebat Humanitaire hulp van donderdag 9 april 2026 beantwoorden?
Kamervraag document nummer: kv-tk-2026Z07060
Volledige titel: De aangenomen doodstrafwet in Israël