| Ingediend | 24 februari 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 17 maart 2026 (na 21 dagen) |
| Indieners | Gidi Markuszower (PVV), Annelotte Lammers (PVV) |
| Beantwoord door | Sjoerd Sjoerdsma (D66), Berendsen |
| Onderwerpen | internationaal ontwikkelingssamenwerking |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z03647.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-1357.html |
Ja.
Er is geen informatie voorhanden die de aantijgingen van NGO Monitor steunt.
Voor wat betreft deze casus; het kabinet heeft vertrouwen in de neutraliteit en onafhankelijkheid van het werk van partnerorganisaties waar Nederland mee werkt. Dit zijn professionele organisaties met een bewezen goede staat van dienst, óók in buitengewoon moeilijke contexten als Gaza waar risico’s nooit volledig uit te bannen zijn. Direct na 7 oktober 2023 heeft er een doorlichting van de Nederlandse en EU-ontwikkelingshulp voor de Palestijnse Gebieden plaatsgevonden. Hieruit is gebleken dat de due diligence-processen die ervoor waken dat geld niet (in)direct ten goede komt van terroristische organisaties, op orde zijn. Dat geldt ook voor de genoemde organisaties in het NGO Monitor rapport. Ook zijn er geen signalen naar voren gekomen dat Nederlands of Europees geld terecht is gekomen bij onbedoelde bestemmingen. Het kabinet is hierdoor van mening dat terroristische organisaties zoals Hamas, direct noch indirect, gefinancierd worden met Nederlands belastinggeld. Bij elke subsidieaanvraag wordt er opnieuw op toegezien dat deze due diligence-processen (nog steeds) op orde zijn. Verder wijst het kabinet ook op bestaande kritiek op de handelwijze van NGO Monitor, zoals benoemd in de beantwoording van eerdere Kamervragen over NGO Monitor3 en de kabinetsreactie op andere rapporten van NGO Monitor.4
Ja.
Nederland werkt samen met professionele en betrouwbare maatschappelijke organisaties, die beleid en gedegen procedures hebben om risico’s van malversaties te verkleinen, en die adequaat optreden in geval van zowel aantijgingen als bewezen malversaties. Dergelijke procedures bieden nooit volledige garanties, maar helpen risico’s te minimaliseren in de moeilijke noodhulpcontexten waarin veel van onze humanitaire partners werken.
Besluiten om bepaalde organisaties te financieren worden altijd zorgvuldig genomen, waarbij het voltooien van een Organisational Risk and Integrity Assessment (ORIA) essentieel is. Deze assessment toetst onder andere op governance-structuren en de integriteit van organisaties. Organisaties met wie Nederland samenwerkt doen bovendien controle en screening van alle medewerkers (zowel nationale als internationale staf) en partners aan de hand van o.a. de sanctielijsten van de VN, EU en nationale instanties. Daarnaast worden afspraken gemaakt over tussentijdse monitoring, (onafhankelijke) evaluatie en audits van activiteiten met Nederlandse steun. Als uit het toezicht blijkt dat er mogelijk sprake is van fraude, verduistering of andersoortige malversaties, dan treedt het ministerie daar tegen op.
Zie antwoord vraag 4.
Nee. Zie de antwoorden op vragen 2, 4 en 5.
Diverse onafhankelijke onderzoeken, waaronder onderzoeken uitgevoerd door VN Office of Internal Oversight Services (OIOS) en het Colonna-rapport, stellen vast dat voor de aantijgingen van banden tussen UNRWA-medewerkers en Hamas geen verifieerbaar bewijs is geleverd. Daarnaast blijkt uit het Colonna-rapport dat UNRWA de benodigde mechanismen, procedures en beleid heeft om ervoor te zorgen dat de verplichting tot naleving van het neutraliteitsbeginsel wordt nageleefd. Tevens implementeert UNRWA de aanbevelingen komende uit het Colonna-rapport die de neutraliteit en integriteit verder versterken.
Ja, ik ben bekend met dit besluit. Het kabinet ondersteunt het mandaat van UNRWA en hun cruciale werk om levensreddende humanitaire hulp te bieden in Gaza. Ook levert UNRWA essentiële basisdiensten, met name op gebied van gezondheidszorg en onderwijs, aan Palestijnse vluchtelingen in Gaza, de Westelijke Jordaanoever, Jordanië, Libanon en Syrië. Met het leveren van basisdiensten aan Palestijnse vluchtelingen draagt UNRWA bij aan stabiliteit in de regio. Daar is iedereen bij gebaat.
Nee. Zie het antwoord op vraag 8.