| Ingediend | 20 februari 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 8 mei 2026 (na 77 dagen) |
| Indiener | Lidewij de Vos (FVD) |
| Beantwoord door | Vincent Karremans (VVD), Foort van Oosten (VVD) |
| Onderwerpen | economie organisatie en beleid |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z03531.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-1853.html |
Ja.
Sinds mei 2025 zijn er verschillende gesprekken gevoerd met de vuurwerkbranche.2 Na de Kabinetswisseling heb ik het dossier opgepakt en heb ik de gesprekken voortgezet, ook met de vuurwerkbranche. Inmiddels zijn de gesprekken afgerond en zijn de uitgangspunten voor de nadeelcompensatieregeling bekend. Een uitgebreide beschrijving van de uitgangspunten van de nadeelcompensatieregeling kunt u vinden in de Kamerbrief (Eerste en Tweede Kamer) over «de Nadeelcompensatieregeling vuurwerkbedrijven» van 8 mei 2026.
Nee. Voor de vormgeving van de voorgestelde nadeelcompensatieregeling verwijs ik naar de Kamerbrief van 8 mei 2026 daarover die u heden is toegezonden. Het nadeelcompensatierecht is gebaseerd op het égalitébeginsel. Dit beginsel voorziet in een recht op vergoeding van onevenredige schade die een gevolg is van rechtmatig overheidshandelen. Daarvoor is – onder meer – vereist dat de schade zoals de vuurwerkondernemers die lijden, uitstijgt boven hun normaal ondernemersrisico. Hierbij is maximaal gezocht naar een nette en eerlijke regeling zonder daarbij de grens van staatssteun te overschrijden. Binnen deze kaders wordt de nadeelcompensatieregeling uitgewerkt. In de Kamerbrief (Eerste en Tweede Kamer) van 8 mei 2026 is dit nader toegelicht.
Die mening deel ik niet. Met de voorgestelde nadeelcompensatieregeling3 wordt onevenredige schade die uitgaat boven het normaal ondernemersrisico vergoed. Daarin zijn winstderving en overige schadeposten verdisconteerd.
Het antwoord op vraag 4 luidt niet bevestigend. Met de voorgestelde nadeelcompensatieregeling4 wordt onevenredige schade die uitgaat boven het normaal ondernemersrisico vergoed. De nadeelcompensatie bestaat hoofdzakelijk uit het vergoeden van winstderving.
Naar het oordeel van het kabinet is tegemoetgekomen aan de wens van de Tweede Kamer om te komen tot een nette en eerlijke nadeelcompensatieregeling voor vuurwerkondernemers. De Tweede Kamer heeft nog twee andere voorwaarden gesteld: een uitgewerkt handhavingsplan en een AMVB met de mogelijkheid voor burgemeesters om groepen burgers ontheffing te verlenen om vuurwerk af te steken.
Het is nu aan beide Kamers om te bepalen of daarmee aan de voorwaarden voor inwerkingtreding van de Wet veilige jaarwisseling is voldaan. Het Kabinet streeft ernaar om het landelijk vuurwerkverbod voor consumenten (de Wet veilige jaarwisseling en het Besluit veilige jaarwisseling) per 1 augustus 2026 in werking te laten treden.
Volgens het ontwerp van het Besluit veilige jaarwisseling kunnen verenigingen en stichtingen die ingeschreven staan in het handelsregister een ontheffing aanvragen bij de burgemeester voor het afsteken van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling. Het is aan de burgemeester of en hoeveel ontheffingen verleend worden.
Ja. De ontheffingsmogelijkheid biedt – hoewel in beperkte mate – nog steeds de mogelijkheid om vuurwerk te verkopen, namelijk aan verenigingen en stichtingen die een ontheffing hebben gekregen. Tevens kan de professionele toepasser consumentenvuurwerk blijven gebruiken in een vuurwerkshow. Ook blijft de verkoop van fop- en schertsvuurwerk van categorie F1 toegestaan. Het is de verwachting dat, als gevolg van het landelijk vuurwerkverbod voor consumenten, het aantal verkooppunten zal afnemen. Hoeveel verkooppunten dat zijn, of dit importeurs of detailhandelaren zijn en waar de verkooppunten zich bevinden, wordt aan de markt overgelaten.
In de toelichting bij het aangenomen amendement Michon-Derkzen5 is vermeld dat de Wet veilige jaarwisseling pas in werking kan treden als aan drie voorwaarden is voldaan, te weten (1) een effectief handhavingsplan, (2) een uitgewerkte AMvB en (3) een eerlijke en nette compensatieregeling. Het handhavingsplan is reeds aan uw Kamer toegezonden en uw Kamer heeft op 31 maart jl. de voorhang van het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling (de AMvB) afgerond. Met de toezending van de uitgangspunten van de nadeelcompensatieregeling aan de beide Kamers heeft het Kabinet invulling gegeven aan de derde en laatste voorwaarde.6 Het is nu aan beide Kamers om te bepalen of daarmee aan de voorwaarden voor inwerkingtreding van de Wet veilige jaarwisseling is voldaan. Het Kabinet streeft ernaar om het landelijk vuurwerkverbod voor consumenten (de Wet veilige jaarwisseling en het Besluit veilige jaarwisseling) per 1 augustus 2026 in werking te laten treden.
Ja, na afronding van de gesprekken met de vuurwerkbranche zijn de vragen zo snel mogelijk beantwoord en gelijktijdig met de Kamerbrief over de uitgangspunten van de nadeelcompensatieregeling verzonden.
Op 20 februari 2026 heeft het lid De Vos vragen gesteld over het bericht «Vuurwerkverkopers zien bedrijf wegvallen, maar vergoeding blijft uit: Heb een gezin te onderhouden». De vragen hebben betrekking op een compensatieregeling voor de vuurwerkbranche in verband met het landelijk vuurwerkverbod voor consumenten. Momenteel wordt hard gewerkt om het dossier van de Wet veilige jaarwisseling, inclusief de nadeelcompensatie een stap verder te brengen. In dat kader zal het nieuwe kabinet de gesprekken voortzetten, waaronder met de vuurwerkbranche. Zolang deze gesprekken lopen kan ik niet inhoudelijk ingaan op de gestelde vragen. Zodra de vervolgstap is afgerond, zal ik de antwoorden zo spoedig mogelijk aan uw Kamer toesturen.