| Ingediend | 18 februari 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 17 maart 2026 (na 27 dagen) |
| Indiener | Pepijn van Houwelingen (FVD) |
| Beantwoord door | Gijs Tuinman (BBB) |
| Onderwerpen | internationaal organisatie en beleid |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z03423.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-1354.html |
De uitspraak van de vorige Staatssecretaris van Defensie was een reactie in een gesprek over een zeer onwaarschijnlijke en ongewenste situatie, en moet in de bredere context van het interview worden geplaatst. De vorige Staatssecretaris heeft niet gepleit voor het schenden van de ondertekende F-35 overeenkomsten. Nederland blijft het F-35 programma onverminderd steunen. Het kabinet hecht groot belang aan voortzetting van de nauwe samenwerking en onderlinge vertrouwensband met de Verenigde Staten en andere partners binnen het F-35 programma.
Zie antwoord vraag 1.
Zie antwoord vraag 1.
Het kabinet doet geen uitspraken over de berichtgeving omtrent Nederlandse vliegers die actief zijn in Oekraïne. Het kabinet heeft sinds het uitbreken van de oorlog meermaals aangegeven dat het onverstandig is om naar Oekraïne af te reizen en mee te vechten. Het kabinet kan echter geen beperkingen opleggen aan de bewegingsvrijheid van Nederlanders die dit op eigen initiatief doen. Tevens geldt er een negatief reisadvies voor geheel Oekraïne. Tot slot benadrukt het kabinet dat deze personen op geen enkele wijze Nederland vertegenwoordigen in de eventuele gevechtshandelingen die zij ondernemen.