| Ingediend | 29 januari 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 16 februari 2026 (na 18 dagen) |
| Indieners | Annette Raijer (PVV), Geert Wilders (PVV) |
| Beantwoord door | Moes |
| Onderwerpen | openbare orde en veiligheid organisatie en beleid |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z01787.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-1119.html |
De situatie is mij bekend. Ik vind het heel vervelend dat de wijkbewoners rondom het Cornelius Haga Lyceum zoveel overlast ervaren van de school. Leerlingen horen zich te gedragen, niet alleen binnen de muren van hun school, maar ook daarbuiten. En net zoals alle leerlingen en leraren in ons land zich iedere dag weer veilig moeten voelen op hun school, moet dat ook gelden voor de omwonenden in hun eigen leefomgeving.
De verantwoordelijkheid voor de handhaving van de openbare orde, de veiligheid en het bieden van passende onderwijshuisvesting ligt bij de gemeente. Hierin is geen rol weggelegd voor mijn ministerie. Wel is er op ambtelijk niveau nauw contact met de gemeente Amsterdam. De gemeente heeft eerder al de nodige maatregelen getroffen om de overlast te beteugelen.2 Zo wordt er extra gesurveilleerd rondom de school (zowel door de politie als door straatcoaches), is jongerenwerk binnen en buiten de school aanwezig om met jongeren in gesprek te gaan en wordt ook de schoolleiding betrokken bij het optreden tegen de groep overlastgevende jongeren. Deze maatregelen worden gecontinueerd. Mijn beeld is dat de gemeente en haar samenwerkingspartners alles op alles zetten om de overlast te beperken.
Zie mijn antwoord op vraag 1.
De berichten in de media doen vermoeden dat hier sprake is van grensoverschrijdend gedrag en groepsintimidatie door middelbare scholieren. Dit ondermijnt het gevoel van veiligheid dat de wijkbewoners ervaren. Dat vind ik zeer onwenselijk.
Nee. In Nederland geldt vrijheid van godsdienst.
Nee. Ik heb de intentie noch de bevoegdheid om zonder wettelijke grondslag willekeurige groepen scholen te sluiten.
Wanneer er sprake is van strafbare feiten, is het aan de rechter om hierover te oordelen. Ik ben niet bevoegd om dergelijke strafmaatregelen te treffen.
Ik deel de zorgen van de buurtbewoners over de overlast die zij ervaren. Mijn departement staat in contact met de gemeente Amsterdam en zal de situatie blijven volgen.