| Ingediend | 27 november 2025 |
|---|---|
| Beantwoord | 16 maart 2026 (na 109 dagen) |
| Indieners | Geert Wilders (PVV), Marina Vondeling (PVV) |
| Beantwoord door | David van Weel (VVD) |
| Onderwerpen | migratie en integratie organisatie en beleid |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2025Z20672.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-1347.html |
Ja.
Het COA heeft een omgevingsvergunning aangevraagd bij de gemeente Terneuzen. Zoals iedere initiatiefnemer heeft het COA het recht om binnen een redelijke termijn een beslissing te krijgen op een vergunningsaanvraag. Als dit niet tijdig gebeurt, kan het COA, met tussenkomst van de rechter, vragen om een besluit. Uiteindelijk heeft het COA geen procedure bij de rechter gestart maar enkel een zienswijze in het kader van het voorgenomen besluit op de vergunningsaanvraag ingediend.
De aanvraag voor een vergunning voor een opvanglocatie is tot stand gekomen na een intensief traject met het college, waarbij de gemeenteraad op meerdere momenten is geïnformeerd over de voortgang.
Vanuit de wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvang (spreidingswet) krijgen gemeenten middels de verdeelbesluiten een wettelijke taak om asielopvang te realiseren. Iedere commissaris van de Koning levert, op basis van de inbreng van de gemeente zelf, een provinciaal plan aan bij de Minister van Asiel en Migratie met daarin onder meer de beoogde verdeling van opvangplekken binnen de provincie. De gemeente heeft dus zelf invloed op de hoogte van de eigen opgave en ook Terneuzen heeft in dit kader als inbreng in het provinciaal verslag aangegeven te werken aan een duurzame opvanglocatie.
Op basis van het provinciaal verslag neemt de Minister conform de wet een bindend verdeelbesluit en krijgt iedere gemeente een wettelijke taak om opvangplekken te realiseren. De gemeente kan zelf met het COA-afspraken maken over waar in de gemeente de opvang gerealiseerd wordt. Pas als dit niet tijdig lukt treedt het stelsel van het interbestuurlijk toezicht in werking.
In het recente verleden is één maal eerder door het COA een rechterlijke procedure gestart in het kader van de verstrekking van een vergunning tegen een gemeente. Dit betrof het instellen van een beroep tegen het uitblijven van een besluit op een omgevingsvergunning voor het voorzetten van asielopvang door het college van de gemeente Cranendonck. Uiteindelijk besloot de Raad van State dat het door de rechtbank opgelegde termijn werd verworpen, maar dat voor 1 juli 2024 alsnog een beslissing door de gemeente genomen diende te worden.
Ik vind het goed dat de commissaris van de Koning direct verbinding zoekt en het gesprek aangaat na een besluit van de burgemeester om per direct op te stappen. Hiermee zet de commissaris geenszins druk op het democratische besluit.
Dit besluit is een eigen afweging geweest van de burgemeester. Hij heeft zijn beweegredenen nader gemotiveerd. Het betreft een beslissing binnen het gezag van de burgemeester waardoor het niet aan mij is om hier een oordeel over te vellen.
Nee, zoals hiervoor aangegeven is het COA een zelfstandig bestuursorgaan dat, na de aanvraag van een omgevingsvergunning, recht heeft op een besluit op de aanvraag binnen een redelijke termijn.
Zoals in de beantwoording op vragen 1 en 2 aangegeven heeft de provincie Zeeland in samenwerking met de gemeente Terneuzen aangegeven hoeveel opvangplekken de gemeente zou realiseren. De Minister stelt op basis van de provinciale verslagen per provincie vast hoe de opvangopgave wordt ingevuld middels een verdeelbesluit per gemeente. Gemeenten blijven wettelijk gehouden aan de plekken die aan hen zijn toegewezen in het verdeelbesluit. De gemeente staat er samen met het COA voor aan de lat om afspraken over deze opvang te maken.
Op verzoek van gemeenten en uitvoeringsinstanties blijft de spreidingswet in stand zolang de wet nodig is, om zo een rechtvaardige verdeling van asielzoekers over gemeenten te borgen. Het kabinet onderschrijft het belang van goed georganiseerde opvang.
Hierbij deel ik u mede dat de schriftelijke vragen van de leden Vondeling en Wilders (beiden PVV), van uw Kamer aan de Minister voor Asiel en Migratie over het dreigement van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) om naar de rechter te stappen teneinde een omgevingsvergunning voor een asielzoekerscentrum (azc) in Terneuzen af te dwingen (ingezonden 27 november 2025) niet binnen de gebruikelijke termijn kunnen worden beantwoord, aangezien nog niet alle benodigde informatie is ontvangen. Ik streef ernaar de vragen zo spoedig mogelijk te beantwoorden.