Kamervraag 2019Z15210

Het bericht dat er onrust heerst binnen het commissariaat voor de media

Ingediend 17 juli 2019
Beantwoord 5 september 2019 (na 50 dagen)
Indiener Peter Kwint (SP)
Beantwoord door Arie Slob (minister zonder portefeuille onderwijs, cultuur en wetenschap) (CU)
Onderwerpen cultuur en recreatie media
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2019Z15210.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20182019-3886.html
  • Vraag 1
    Wat is het gevolg voor de te nemen besluiten van het Commissariaat voor de Media, nu het merendeel van de bestuurders zijn opgestapt?1

    Er was al voorzien in het aftreden van de voorzitter van het Commissariaat voor de Media (hierna: Commissariaat) vanwege het verstrijken van haar wettelijke benoemingstermijn per 1 juli 2019. Door een uitbreiding van het mandaatbesluit kunnen besluiten over de reguliere bedrijfsvoering gewoon doorgang vinden. Zaken die bestuursrechtelijke besluitvorming op college-niveau vereisen, worden aangehouden totdat er een nieuwe voorzitter is. De verwachting is dat deze op korte termijn kan worden benoemd zodat de bestuursrechtelijke besluitvorming weer op de gebruikelijke wijze kan plaatsvinden.

  • Vraag 2
    Wat zijn de regels omtrent nevenfuncties bij het Commissariaat?

    Regels omtrent nevenfuncties van leden van publiekrechtelijke zbo’s zoals het Commissariaat zijn opgenomen in de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen (artikel 13). Een lid van een zbo mag geen nevenfuncties bekleden die ongewenst zijn met het oog op een goede vervulling van zijn functie of de handhaving van zijn onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin. Een lid van een zbo dient het voornemen tot het aanvaarden van een nevenfunctie te melden bij de Minister en alle nevenfuncties moeten openbaar gemaakt worden. Daarnaast heeft het Commissariaat een eigen Gedragscode Integriteit Commissariaat voor de Media https://www.cvdm.nl/wp-content/uploads/2019/07/Gedragscode-Integriteit-van-het-Commissariaat-voor-de-Media.pdf. Op grond daarvan bestaat een meldplicht indien werkzaamheden, betaald of onbetaald, de belangen van het Commissariaat kunnen raken. Verder bepaalt de code dat nevenwerkzaamheden waardoor een goede vervulling van de functie of het goed functioneren van de openbare dienst niet in redelijkheid zou zijn verzekerd, verboden zijn. Dat is het geval bij ongeoorloofde belangenverstrengeling, botsing van belangen, schade aan het aanzien van het ambt en onvoldoende beschikbaarheid voor de functie bij het Commissariaat.
    Zodra een nieuwe voorzitter in functie is, zal ik met het Commissariaat nader overleggen hoe optimale transparantie en toetsing van nevenfuncties bereikt kunnen worden. Daarbij zullen de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen en de eigen code van het Commissariaat in beschouwing worden genomen.

  • Vraag 3
    Worden die regels nogmaals tegen het licht gehouden nu duidelijk is dat sommige nevenfuncties op gespannen voet staan met werkzaamheden van het Commissariaat? Zo nee, waarom niet?

    Zie antwoord vraag 2.

  • Vraag 4
    Wanneer wordt de veel te riante wachtgeldregeling aangepast? Bent u voornemens dit onder de huidig geldende WNT-normen te laten vallen? Zo nee, waarom niet?

    Zoals ik in mijn visiebrief over de publieke omroep van 14 juli 2019 heb aangekondigd, bezie ik de bezoldigingsnormen in de mediasector. Op dit moment bezie ik de huidige rechtpositieregeling van het Commissariaat omdat deze ook naar mijn mening niet meer past in de huidige tijd. Ik ben van plan om de regeling zo snel mogelijk te herzien.
    Overigens kan ik u melden dat de inmiddels per 1 juli 2019 afgetreden voorzitter van het Commissariaat geen beroep zal doen op de wachtgeldregeling.

  • Vraag 5
    Wat zijn de regels voor vertrekkende toezichthouders die naar bedrijven gaan waar zij toezicht op hebben gehouden?

    Het is voor toezichthouders zoals het Commissariaat inderdaad essentieel dat (de schijn van) belangenverstrengeling wordt voorkomen.
    Op de medewerkers van het Commissariaat zijn de rechtspositieregels voor rijksambtenaren van toepassing. In de Algemene wet bestuursrecht (Awb), het Algemeen Rijksambtenarenreglement (ARAR) en de Gedragscode Integriteit Rijk (GIR) zijn bepalingen opgenomen omtrent belangenverstrengeling, geheimhoudingsverplichtingen en een afkoelingsperiode bij een gevoelige overstap naar ander werk.2
    Verder heeft het Commissariaat in zijn eigen Gedragscode Integriteit van het Commissariaat voor de Media ook bepalingen hierover opgenomen. Voor alle medewerkers en voormalig medewerkers geldt een geheimhoudingsplicht, ook nadat zij het Commissariaat hebben verlaten. In het geval medewerkers overstappen naar een bedrijf in de mediasector of een andere marktpartij kunnen in de aanloop daar naar toe al voorzorgsmaatregelen worden getroffen. Bijvoorbeeld dat betrokkene zich bij het Commissariaat uit bepaalde besluitvormingsprocessen of zaken terugtrekt en ontzegging van de toegang tot (delen van) het netwerk en de systemen van het Commissariaat.
    Naleving van de genoemde regels biedt afdoende waarborg om (de schijn van) belangenverstrengeling tegen te gaan.

  • Vraag 6
    Deelt u de mening dat het voor toezichthouders essentieel is dat (de schijn van) belangenverstrengeling tegengegaan moet worden?

    Zie antwoord vraag 5.

  • Vraag 7
    Worden deze regels aangescherpt? Zo nee, waarom niet?

    Zie antwoord vraag 5.

  • Mededeling - 23 juli 2019

    Op 17 juli jongstleden heeft het lid Kwint (SP) van uw Kamer schriftelijke vragen gesteld over het bericht dat er onrust heerst binnen het Commissariaat voor de Media (2019Z15210). Tot mijn spijt is zorgvuldige beantwoording binnen de gestelde termijn niet mogelijk. Ik zal de vragen zo snel mogelijk, maar in ieder geval voor het einde van het zomerreces beantwoorden.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2019Z15210
Volledige titel: Het bericht dat er onrust heerst binnen het commissariaat voor de media
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20182019-3886
Volledige titel: Antwoord op vragen van het lid Kwint over het bericht dat er onrust heerst binnen het Commissariaat voor de Media