Kamervraag 2016Z23610

Het rapport van de Europese Rekenkamer over EU-bijstand aan Oekraïne

Ingediend 9 december 2016
Beantwoord 20 januari 2017 (na 42 dagen)
Indiener Harry van Bommel
Beantwoord door Bert Koenders (minister buitenlandse zaken) (PvdA)
Onderwerpen europese zaken internationaal
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2016Z23610.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20162017-992.html
  • Vraag 1
    Heeft u kennisgenomen van het rapport «EU-bijstand aan Oekraïne» van de Europese Rekenkamer?1

    Ja.

  • Vraag 2
    Deelt u de mening dat het zorgwekkend is dat de resultaten van een doeltreffende uitvoering van het anti-corruptiebeleid (FAC) «nog te bezien» vallen?2 Kunt daarbij ook reflecteren op het feit dat de meeste mensen die tegen het Oekraïneverdrag stemden dat deden vanwege de hoge mate van corruptie in het land3, en de uitspraken van de premier aangaande het belang van corruptiebestrijding in Oekraïne4?

    De Europese Rekenkamer constateert vanaf het aantreden van de hervormingsgezinde regering in 2014 een duidelijke verbetering ten aanzien van de effectiviteit van de hulp en de gemaakte voortgang. Desondanks deelt het kabinet de zorgen over de mate van corruptie in Oekraïne, zoals deze ook in het debat voorafgaand aan het raadgevend referendum zijn geuit. Op Nederlands aandringen is dit dan ook een van de zaken waarover in het besluit van Staatshoofden en Regeringsleiders van de Europese Raad van 15 december een antwoord is geformuleerd. Dit besluit onderstreept dat corruptiebestrijding, als onderdeel van rechtsstaatsopbouw, een centraal element is van het associatieakkoord. Het kabinet is er van overtuigd dat de corruptiebestrijding in Oekraïne gebaat is bij inwerkingtreding van dit associatieakkoord. Zoals ook de Europese Rekenkamer in haar rapport stelt, is het van belang dat de Oekraïense regering zich niet alleen richt op het aannemen van nieuwe wetten maar ook op de daadwerkelijke uitvoering van hervormingen. In contacten met Oekraïne wijst het kabinet steevast op het behoud van het huidige momentum van hervormingen en het belang van implementatie.

  • Vraag 3
    Hoe oordeelt u over het feit dat er in 2014 een Europees steunpakket van 11,2 miljard euro beschikbaar is gesteld aan Oekraïne «zonder vooraf bepaalde strategie»?5 Erkent u dat ook in een noodgeval op korte termijn een strategie uitgedacht kan en moet worden? Waarom is dit niet gebeurd?

    In hun reactie bij het Rekenkamerrapport, lichten de Europese Commissie en EDEO de dramatische gebeurtenissen toe die zich eind februari 2014 afspeelden waardoor een doortastende en snelle reactie geboden was. Het indicatieve pakket was bedoeld om tegen die achtergrond een krachtig signaal van politieke steun af te geven, met doorwerking op zowel de korte als lange termijn (2014–20). Het pakket bestond daarnaast deels uit bestaande toezeggingen en commiteringen, alsook leningen van de EBRD en de EIB. Bij de vaststelling van de nieuwe programma’s werden de gebruikelijke besluitvormingsprocedures gevolgd, inclusief annotatie en documentatie bij de voorstellen van de Commissie voor de wetgevingshandelingen, waarbij financiële risico’s en de activiteiten van andere donoren in aanmerking zijn genomen en gedocumenteerd.

  • Vraag 4
    Is er volgens u sprake van duurzame corruptiebestrijding in Oekraïne, al dan niet gesteund door de EU? Zo ja, kunt u daar voorbeelden van geven?

    Oekraïne heeft de afgelopen twee jaar de nodige voortgang gemaakt op het gebied van hervormingen. Zo zijn ministeries transparanter gaan werken en zijn alle registers (land, eigendom) toegankelijk gemaakt. Er is een belangrijke stap gezet in de strijd tegen corruptie met de uitrol van een elektronisch declaratiesysteem gericht op de openbaarmaking van bezittingen en salarissen van overheidsfunctionarissen en politici. Tot aan de president toe zijn deze gegevens ingevoerd. Ook is er een speciale anticorruptie-eenheid opgericht die het mandaat heeft om omvangrijke corruptie te vervolgen. Dit bureau buigt zich momenteel over de gegevens die de invoer van het elektronische declaratiesysteem heeft opgeleverd.

  • Vraag 5
    Welke rol vervult het Oekraïense maatschappelijk middenveld in de corruptiebestrijding?

    Het maatschappelijk middenveld in Oekraïne is nauw betrokken bij de vormgeving van en het toezicht op hervormingen. Zo hebben coalities van denktanks deelgenomen aan de voorbereiding van verschillende hervormingen, in het bijzonder met betrekking tot corruptiebestrijding. Het Civil Society Platform dat onder het associatieakkoord tot stand is gebracht vervult eveneens een belangrijke rol.

  • Vraag 6
    Kunt u reageren op het feit dat er tot op heden geen enkele significante impact van het handelsverdrag op de Nederlandse handel met Oekraïne waar te nemen valt, gezien het feit dat het kabinet meermaals gewezen heeft op de voordelen van het handelsverdrag voor het Nederlandse bedrijfsleven?6

    De handel tussen de EU en Oekraïne is in de periode van oktober 2015 tot september 2016 gestegen met 7,5% ten opzichte van dezelfde periode in 2015 en 2016, aldus Eurostat. In hoeverre deze stijging verband houdt met de voorlopige toepassing van de handelsdelen (Deep and Comprehensive Free Trade Area – DCFTA) van de associatieovereenkomst is niet met zekerheid vast te stellen. Wel is het zo dat onder de DCFTA Oekraïne geleidelijk zijn standaarden in lijn moet brengen met die van de EU. Dat leidt tot minder administratieve lasten en meer voorspelbaarheid en betrouwbaarheid in het handelsverkeer tussen de EU en Oekraïne. Hier kan ook het Nederlands bedrijfsleven baat bij hebben.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2016Z23610
Volledige titel: Het rapport van de Europese Rekenkamer over EU-bijstand aan Oekraïne
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20162017-992
Volledige titel: Antwoord op vragen van het lid Van Bommel over het rapport van de Europese Rekenkamer over EU-bijstand aan Oekraïne