Kamervraag 2012Z02143

Een Irakees gezin dat een week geleden op straat is gezet

Ingediend 7 februari 2012
Beantwoord 2 maart 2012 (na 24 dagen)
Indiener Sharon Gesthuizen (GL)
Beantwoord door Leers
Onderwerpen immigratie migratie en integratie
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2012Z02143.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20112012-1708.html
  • Vraag 1
    Wat is uw reactie op de berichten dat een Irakees gezin in dit winterweer op straat is komen te staan?1

    Het betreffende Irakese gezin zou, na afwijzing van hun eerste asielaanvraag, in de vrijheidsbeperkende locatie (VBL) in Ter Apel geplaatst worden alwaar zij verder aan hun vertrek zouden kunnen werken. Zij zijn echter voor hun overplaatsing naar de VBL met onbekende bestemming vertrokken. Vanuit de illegaliteit hebben zij vervolgens een herhaalde aanvraag ingediend. Het gezin werd vanwege de heersende vorst in januari in de procesopvanglocatie (POL) te Arnhem geplaatst ter voorbereiding op de behandeling van hun aanvraag, ofschoon zij geen recht op opvang of onderdak hadden aangezien het een herhaalde aanvraag betrof.
    Ten tijde van de afwijzing van de aanvraag (eind januari) was er geen sprake van vrieskou. Na afwijzing van een herhaalde aanvraag hebben asielzoekers, ook als het gezinnen betreft, in beginsel geen recht op opvang of onderdak tenzij zij willen meewerken aan terugkeer, na intrekking van eventueel lopende procedures. Ook als er sprake zou zijn van een periode van vorst zal aan vreemdelingen waarvan de opvang reeds beëindigd was, in beginsel geen opvang meer bij het COA worden verstrekt.
    Ik heb vernomen dat het gezin geen gevolg heeft gegeven aan hun plicht om Nederland te verlaten en onderdak heeft gevonden bij het Leger des Heils te Zwolle. Via het Leger des Heils is aan betrokkenen medegedeeld dat zij in een gezinslocatie geplaatst konden worden. Hoewel het gezin geen recht op opvang had, is door DT&V besloten dat er vanwege de extreme weersomstandigheden sprake was van een uitzonderlijke situatie. Inmiddels heeft dit ertoe geleid dat het gezin sinds 6 februari jl. in de gezinslocatie Gilze verblijft.

  • Vraag 2
    Hoe verhoudt een situatie als deze zich tot de inhoud van uw brief van 15 december 2010?2 Hoe komt het dat in weerwil van de uitspraak van het Gerechtshof te Den Haag dit gezin met minderjarige kinderen op straat is beland?3

    Zie antwoord vraag 1.

  • Vraag 3
    Was in deze situatie de terugkeer geregeld en daarmee feitelijk mogelijk? In hoeverre werden zij hierbij begeleid door de Dienst Terugkeer & Vertrek (DT&V)?

    Zonder uitgebreid in te willen gaan op de inhoud van deze individuele zaak kan ik aangeven dat betrokken vreemdelingen tot nu toe niet hebben aangegeven mee te willen werken aan hun terugkeer. Hiermee zijn voorbereidingen voor gedwongen terugkeer aan de orde.

  • Vraag 4
    Gaat u onderzoeken wat er in deze zaak is misgegaan en hoe dit in de toekomst voorkomen gaat worden?

    Op basis van de situatie zoals die in bovenstaande antwoorden is uiteengezet, zie ik geen aanleiding tot een nader onderzoek.

  • Vraag 5
    Is het waar dat een vreemdeling eerst zelf moet bekijken of er een alternatieve opvang is, voordat ze in de kou op straat worden gezet?4 Worden zij hierin begeleid door bijvoorbeeld het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA)?

    Indien de vreemdeling aangeeft geen alternatief te hebben, kan de vreemdeling gedurende de vorstperiode nog in de opvang verblijven. Het COA begeleidt asielzoekers die in de opvang verblijven.

  • Vraag 6
    Welke andere opvangmogelijkheden hebben vreemdelingen indien volgens u noodopvang door de gemeente niet wenselijk is? Welke acties onderneemt u doorgaans indien een gemeente toch verantwoordelijkheid neemt en tot noodopvang van vreemdelingen overgaat?

    Wanneer na een zorgvuldige beoordeling van de asielaanvraag is besloten dat een vreemdeling niet in aanmerking komt voor bescherming in Nederland, is het perspectief terugkeer. In die situatie verwacht ik van deze vreemdelingen dat zij hun verantwoordelijkheid nemen. Dit betekent voldoen aan de vertrekplicht in plaats van te kiezen voor een marginaal bestaan in de illegaliteit in Nederland. Bij een verblijf in de illegaliteit zijn vreemdelingen zelf niet gebaat, en ook niet hun kinderen.
    Door het Rijk zijn in de afgelopen jaren verschillende maatregelen genomen om te voorkomen dat (afgewezen) asielzoekers op straat terecht komen. Daarnaast biedt de Nederlandse overheid vreemdelingen ondersteuning om het vertrek te organiseren. Om een goede nieuwe start te maken in het land van herkomst, biedt de Nederlandse overheid bijvoorbeeld uitgebreide ondersteuning bij zelfstandige terugkeer.
    In antwoord op schriftelijke vragen van het lid Van Nieuwenhuizen van 9 december 2011 ben ik ingegaan op de vraag welke stappen ik onderneem tegen gemeenten die (structurele) noodopvang bieden (Tweede Kamer, vergaderjaar 2011–2012, Aanhangsel 1124).


Kamervraag document nummer: kv-tk-2012Z02143
Volledige titel: Een Irakees gezin dat een week geleden op straat is gezet
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20112012-1708
Volledige titel: Antwoord vragen Gesthuizen over een Irakees gezin dat een week geleden op straat is gezet