Voorgesteld 9 juni 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat een Wlz-indicatie onherroepelijk is;
overwegende dat het CIZ, dat de indicaties stelt, aangeeft dat er gevallen bekend zijn waarin een Wlz-indicatie op valse gronden wordt aangevraagd, bijvoorbeeld wanneer een kwaadwillende zich voordoet als familie;
verzoekt de regering het mogelijk te maken dat een Wlz-indicatie wordt ingetrokken,
en gaat over tot de orde van de dag.
Van Brenk
Wendel