Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is Richtlijn (EU) 2024/2853 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2024 inzake aansprakelijkheid voor gebrekkige producten en tot intrekking van Richtlijn 85/374/EEG van de Raad om te zetten in bepalingen van nationaal recht en dat daartoe de Boeken 6 en 7 van het Burgerlijk Wetboek en de Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek moeten worden gewijzigd;
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek wordt als volgt gewijzigd:
A
Artikel 173, tweede lid, wordt als volgt gewijzigd:
De onderdelen a en b komen als volgt te luiden:
a. aannemelijk is dat het gebrek niet bestond op het tijdstip waarop het product in de handel werd gebracht, in gebruik werd gesteld of, in het geval van een distributeur als bedoeld in afdeling 3 van titel 3, op de markt werd aangeboden, of dat dit gebrek na dat tijdstip is ontstaan; en
b. artikel 185 lid 2 niet van toepassing is.
B
In het opschrift van afdeling 3 van titel 3 wordt «Produktenaansprakelijkheid» vervangen door «Productaansprakelijkheid».
C
In afdeling 3 van titel 3 wordt voor artikel 185 een artikel ingevoegd, luidende:
1. In deze afdeling wordt verstaan onder:
een digitale versie van of een digitale template voor een roerende zaak die de functionele informatie bevat die nodig is om een tastbaar voorwerp te produceren door de geautomatiseerde besturing van machines of gereedschappen mogelijk te maken;
elke roerende zaak, ook nadat zij is geïntegreerd in of onderling is verbonden met een andere roerende of onroerende zaak, met inbegrip van elektriciteit, digitale fabricagedossiers, grondstoffen en software;
een digitale dienst die zodanig in een product is geïntegreerd of daarmee onderling is verbonden dat het product zonder die dienst een of meer van zijn functies niet zou kunnen vervullen;
elk materieel of immaterieel voorwerp dat, of elke grondstof of bijbehorende dienst die in een product is geïntegreerd of daarmee onderling is verbonden;
een natuurlijke persoon of rechtspersoon die:
1°. een product ontwikkelt, vervaardigt of produceert;
2°. een product heeft ontworpen of vervaardigd, of die zich, door zijn naam, handelsmerk of andere onderscheidende kenmerken op dat product aan te brengen presenteert als de fabrikant ervan; of
3°. een product voor eigen gebruik ontwikkelt, vervaardigt of produceert;
Richtlijn 97/67/EG van het Europees Parlement en de Raad van 15 december 1997 betreffende gemeenschappelijke regels voor de ontwikkeling van de interne markt voor postdiensten in de Gemeenschap en de verbetering van de kwaliteit van de dienst;
Verordening (EU) 2018/644 van het Europees Parlement en de Raad van 18 april 2018 betreffende grensoverschrijdende pakketbezorgdiensten;
een natuurlijke persoon of rechtspersoon die in het kader van een handelsactiviteit ten minste twee van de volgende diensten aanbiedt: opslag, verpakking, adressering en verzending van een product, zonder eigenaar van dat product te zijn, met uitzondering van postdiensten zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 1, van Richtlijn 97/67/EG, pakketbezorgdiensten zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 2, van Verordening (EU) 2018/644 en alle andere postdiensten of vrachtvervoersdiensten;
Verordening (EU) 2022/868 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2022 betreffende Europese datagovernance en tot wijziging van Verordening (EU) 2018/1724 (Datagovernanceverordening);
gegevens zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 1, van Verordening (EU) 2022/868;
een in de Unie gevestigde natuurlijke persoon of rechtspersoon die schriftelijk door een fabrikant is gemachtigd om namens die fabrikant specifieke taken te vervullen;
het in het kader van een handelsactiviteit al dan niet tegen betaling verstrekken van een product met het oog op distributie, consumptie of gebruik op de markt van de Unie;
het voor het eerst in de Unie op de markt aanbieden van een product;
het al dan niet tegen betaling voor het eerst gebruiken van een product in de Unie in het kader van een handelsactiviteit, wanneer dat product vóór het eerste gebruik ervan niet in de handel is gebracht;
een natuurlijke persoon of rechtspersoon die een product uit een derde land in de Unie in de handel brengt;
een andere natuurlijke persoon of rechtspersoon in de toeleveringsketen dan de fabrikant of de importeur die een product op de markt aanbiedt;
een wijziging van een product nadat het in de handel is gebracht of in gebruik is gesteld:
1°. die als ingrijpend wordt beschouwd uit hoofde van de toepasselijke Unie- of nationaalrechtelijke regels inzake productveiligheid; of
2°. indien de toepasselijke Unie- of nationaalrechtelijke regels inzake productveiligheid niet voorzien in een drempel voor wat als een ingrijpende wijziging moet worden beschouwd, die:
i. de oorspronkelijke prestaties, het doel of het type van het product wijzigt zonder dat deze wijziging was voorzien in de oorspronkelijke risicobeoordeling van de fabrikant; en
ii. de aard van het gevaar verandert, een nieuw gevaar creëert of het risiconiveau verhoogt;
een fabrikant van een product of een component, een aanbieder van een bijbehorende dienst, een gemachtigde, een importeur, een fulfilmentdienstverlener of een distributeur;
Verordening (EU) 2022/2065 van het Europees Parlement en de Raad van 19 oktober 2022 betreffende een eengemaakte markt voor digitale diensten en tot wijziging van Richtlijn 2000/31/EG (digitaledienstenverordening);
een onlineplatform zoals gedefinieerd in artikel 3, punt i), van Verordening (EU) 2022/2065.
2. Voor de toepassing van deze afdeling houdt zeggenschap van de fabrikant in dat:
a. de fabrikant van een product de volgende handelingen verricht of, in het geval van handelingen van een derde, daarvoor toestemming geeft of ermee instemt:
1°. de integratie, onderlinge verbinding of levering van een component, met inbegrip van software-updates of -upgrades, of
2°. de wijziging van het product, met inbegrip van ingrijpende wijzigingen; of
b. de fabrikant van een product zelf of via een derde software-updates of -upgrades kan leveren.
3. Deze afdeling is niet van toepassing op:
a. gratis en opensourcesoftware die buiten het kader van een handelsactiviteit wordt ontwikkeld of geleverd;
b. schade als gevolg van een nucleair ongeval, voor zover een recht op vergoeding van dergelijke schade bestaat krachtens:
1°. het op 29 juli 1960 te Parijs tot stand gekomen Verdrag inzake wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van de kernenergie (Trb. 1961, 27; 1962, 64), zoals gewijzigd;
2°. het op 31 januari 1963 te Brussel tot stand gekomen Verdrag tot aanvulling van het Verdrag van Parijs van 29 juli 1960 inzake wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van de kernenergie, (Trb. 1963, 171), zoals gewijzigd; of
3°. het op 25 mei 1962 te Brussel tot stand gekomen Verdrag inzake de aansprakelijkheid van exploitanten van nucleaire schepen, met Aanvullend Protocol (Trb. 1968, 90), zoals gewijzigd, nadat dit verdrag van kracht is.
D
Artikel 185 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het eerste lid komt te luiden:
1. De marktdeelnemer is aansprakelijk voor de schade van natuurlijke personen veroorzaakt door een gebrekkig product, tenzij:
a. hij een fabrikant of importeur is en hij het product niet in de handel heeft gebracht of in gebruik heeft gesteld;
b. hij een distributeur is en hij het product niet op de markt heeft aangeboden;
c. aannemelijk is dat het gebrek dat de schade heeft veroorzaakt, niet bestond op het tijdstip waarop het product in de handel werd gebracht, in gebruik werd gesteld of, in het geval van een distributeur, op de markt werd aangeboden, of dat dit gebrek na dat tijdstip is ontstaan;
d. het gebrek dat de schade heeft veroorzaakt een gevolg is van het feit dat het product in overeenstemming is met wettelijke voorschriften;
e. het op grond van de objectieve stand van de wetenschappelijke en technische kennis op het tijdstip waarop het product in de handel werd gebracht of in gebruik werd gesteld dan wel gedurende de periode waarin de fabrikant de zeggenschap over het product had, niet mogelijk was het gebrek te ontdekken;
f. hij een fabrikant van een gebrekkige component is als bedoeld in artikel 187 lid 1, aanhef en onderdeel b, en het gebrek van het product waarin de component is geïntegreerd is toe te schrijven aan het ontwerp van dat product of aan instructies die de fabrikant van dat product heeft verstrekt aan de fabrikant van die component; of
g. hij een persoon is die een product ingrijpend wijzigt als bedoeld in artikel 187 lid 2 en het gebrek dat de schade heeft veroorzaakt, verband houdt met een onderdeel van het product waarop de wijziging geen betrekking heeft.
2. Onder vernummering van het tweede en derde lid tot het derde en vierde lid, wordt een lid ingevoegd, luidende:
1. In afwijking van lid 1, aanhef en onderdeel c, is de marktdeelnemer aansprakelijk voor de door een gebrekkig product veroorzaakte schade wanneer het gebrek te wijten is aan een van de volgende factoren, voor zover de fabrikant daarover zeggenschap heeft:
a. een bijbehorende dienst;
b. software, met inbegrip van software-updates of -upgrades;
c. het ontbreken van software-updates of -upgrades die nodig zijn om de veiligheid te handhaven; of
d. een ingrijpende wijziging van het product.
3. In het derde lid (nieuw) wordt «de producent» vervangen door «de marktdeelnemer» en wordt «het produkt» vervangen door «het product».
4. In het vierde lid (nieuw) wordt «de producent» vervangen door «de marktdeelnemer», wordt na «verminderd» ingevoegd «of opgeheven» en wordt «het produkt» vervangen door «het product».
E
Artikel 186 komt te luiden:
1. Een product is gebrekkig indien het niet de veiligheid biedt die een persoon mag verwachten of die uit hoofde van het Unierecht of het nationale recht is vereist, rekening houdend met alle omstandigheden, waaronder:
a. de presentatie en de kenmerken van het product, met inbegrip van de etikettering, het ontwerp, de technische kenmerken, de samenstelling en de verpakking, alsook de assemblage-, installatie-, gebruiks- en onderhoudsinstructies;
b. het redelijkerwijs te verwachten gebruik van het product;
c. het tijdstip waarop het product in de handel is gebracht of in gebruik is gesteld of, indien de fabrikant na dat tijdstip de zeggenschap over het product behoudt, het tijdstip met ingang waarvan de fabrikant niet langer de zeggenschap over het product heeft;
d. het redelijkerwijs te verwachten effect op het product van andere producten waarvan kan worden verwacht dat zij samen met het product worden gebruikt, onder meer door middel van onderlinge verbindingen;
e. het effect op het product van het vermogen om te blijven leren of nieuwe functies te verwerven nadat het in de handel is gebracht of in gebruik is gesteld;
f. relevante productveiligheidsvoorschriften, waaronder veiligheidsgerelateerde cyberbeveiligingsvoorschriften;
g. alle terugroepingen van het product of alle andere relevante interventies met betrekking tot de productveiligheid door een bevoegde autoriteit of een marktdeelnemer als bedoeld in artikel 187;
h. de specifieke behoeften van de gebruikersgroep voor wie het product is bestemd;
i. in het geval van een product dat juist bedoeld is om schade te voorkomen, elk falen van het product om aan dat doel te voldoen.
2. Een product wordt niet als gebrekkig beschouwd om de enkele reden dat een beter product, waaronder de updates of upgrades van een product, reeds in de handel is gebracht of in gebruik is gesteld dan wel nadien in de handel wordt gebracht of in gebruik wordt gesteld.
F
Artikel 187 komt te luiden:
1. De volgende marktdeelnemers zijn aansprakelijk op grond van artikel 185 lid 1:
a. de fabrikant van een gebrekkig product;
b. de fabrikant van een gebrekkige component, indien die component is geïntegreerd in of onderling verbonden is met een product waarover de fabrikant zeggenschap heeft en ertoe heeft geleid dat dat product gebrekkig werd, en onverminderd de in onderdeel a bedoelde aansprakelijkheid van de fabrikant; en
c. in het geval van een buiten de Unie gevestigde fabrikant van een product of component, en onverminderd de aansprakelijkheid van die fabrikant:
1°. de importeur van het gebrekkige product of de gebrekkige component;
2°. de gemachtigde van de fabrikant; en
3°. indien er geen in de Unie gevestigde importeur of gemachtigde is, de fulfilmentdienstverlener.
De in onderdeel a bedoelde aansprakelijkheid van de fabrikant omvat ook alle schade die is veroorzaakt door een gebrekkige component die is geïntegreerd in of onderling verbonden is met een product waarover die fabrikant zeggenschap heeft.
2. Voor de toepassing van lid 1 wordt als fabrikant beschouwd: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die een product ingrijpend wijzigt zonder dat de fabrikant daarover zeggenschap heeft en het product vervolgens in de handel brengt of in gebruik stelt.
3. Indien de identiteit van een in lid 1 bedoelde en in de Unie gevestigde marktdeelnemer niet kan worden vastgesteld, is elke distributeur van het gebrekkige product aansprakelijk, tenzij hij, binnen een maand na de ontvangst van een daartoe strekkend verzoek van de benadeelde, de identiteit meedeelt van een in lid 1 bedoelde en in de Unie gevestigde marktdeelnemer of van zijn eigen distributeur die het product aan hem heeft geleverd.
4. Lid 3 is van overeenkomstige toepassing op aanbieders van een onlineplatform dat consumenten in staat stelt overeenkomsten op afstand met handelaren te sluiten en die geen marktdeelnemer zijn, voor zover is voldaan aan de voorwaarden van artikel 6 lid 3 van Verordening (EU) 2022/2065.
G
Artikel 188 komt te luiden:
1. De eiser moet het gebrek van het product, de schade en het oorzakelijk verband tussen het gebrek en de schade bewijzen.
2. Het product wordt vermoed gebrekkig te zijn indien:
a. de gedaagde niet voldoet aan de verplichting op grond van de artikelen 194 en 195 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering tot het verlenen van toegang tot relevant bewijsmateriaal waarover hij beschikt;
b. de eiser aantoont dat het product niet voldoet aan de in het Unie- of nationale recht vastgestelde dwingende productveiligheidsvoorschriften die bedoeld zijn om bescherming te bieden tegen het risico van de schade die de benadeelde heeft geleden; of
c. de eiser aantoont dat de schade is veroorzaakt door een kennelijk disfunctioneren van het product bij redelijkerwijs te verwachten gebruik of onder normale omstandigheden.
3. Het oorzakelijk verband tussen het gebrek van het product en de schade wordt vermoed wanneer is vastgesteld dat het product gebrekkig is en dat de soort veroorzaakte schade doorgaans strookt met het betrokken gebrek.
4. Rekening houdend met alle omstandigheden van het geval wordt het product vermoed gebrekkig te zijn of wordt vermoed dat er een oorzakelijk verband bestaat tussen het gebrek van het product en de schade indien, ondanks de toegang tot relevant bewijsmateriaal bedoeld in lid 2, onderdeel a:
a. de eiser wordt geconfronteerd met buitensporige moeilijkheden, met name als gevolg van technische of wetenschappelijke complexiteit, om het gebrek van het product of het voornoemde oorzakelijk verband aan te tonen; en
b. de eiser aantoont dat het waarschijnlijk is dat het product gebrekkig is of dat voornoemd oorzakelijk verband bestaat.
H
In artikel 189 wordt «artikel 185, eerste lid,» vervangen door «artikel 185 lid 1» en wordt «elk hunner» vervangen door «ieder van hen».
I
Artikel 190 komt te luiden:
De aansprakelijkheid, bedoeld in artikel 185 lid 1, bestaat voor de volgende soorten schade:
a. overlijden, lichamelijk of geestelijk letsel;
b. beschadiging of vernietiging van zaken, met uitzondering van:
1°. het gebrekkige product zelf;
2°. een product dat is beschadigd door een gebrekkige component die door de fabrikant van dat product of onder de zeggenschap van die fabrikant in dat product is geïntegreerd of daarmee onderling is verbonden; en
3°. uitsluitend voor beroepsdoeleinden gebruikte zaken;
c. vernietiging of corruptie van niet voor beroepsdoeleinden gebruikte gegevens.
J
Artikel 191 komt te luiden:
De rechtsvordering tot schadevergoeding van de benadeelde tegen de marktdeelnemer ingevolge artikel 185 lid 1 verjaart door verloop van drie jaren na de aanvang van de dag waarop de benadeelde bekend is geworden of redelijkerwijs had moeten worden met:
a. de schade;
b. het gebrek; en
c. de identiteit van de betrokken marktdeelnemer die op grond van artikel 187 voor die schade aansprakelijk kan worden gesteld.
K
Na artikel 191 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
1. Het recht op schadevergoeding van de benadeelde jegens de marktdeelnemer ingevolge artikel 185 lid 1 vervalt door verloop van tien jaren na de aanvang van de dag waarop:
a. het gebrekkige product dat de schade heeft veroorzaakt in de handel werd gebracht of in gebruik werd gesteld; of
b. in het geval van een ingrijpend gewijzigd product, dat product na de ingrijpende wijziging ervan op de markt werd aangeboden of in gebruik werd gesteld.
2. In afwijking van lid 1 vervalt het recht op schadevergoeding door verloop van 25 jaren indien de benadeelde vanwege de latentietijd van een lichamelijk letsel niet in staat was binnen tien jaren na de datum bedoeld in lid 1, onderdeel a of b, een vordering in te stellen.
L
Artikel 192 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt «de producent» vervangen door «de marktdeelnemer».
2. In het tweede lid wordt «produkt» vervangen door «product».
M
In artikel 193 wordt «de producent» vervangen door «de marktdeelnemer» en wordt na «vorderingen» ingevoegd «op andere gronden dan het gebrek van het product bedoeld in deze afdeling».
N
In artikel 197, eerste en tweede lid, wordt «artikelen 165, 166, 169, 171, 173, 174, 175, 176, 177 en 185,» vervangen door «artikelen 165, 166, 169, 171, 173, 174, 175, 176 en 177,».
Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek wordt als volgt gewijzigd:
Artikel 24, tweede lid, wordt als volgt gewijzigd:
1. In de aanhef wordt «tenzij» vervangen door «tenzij:».
2. In onderdeel a, wordt na «kennen,» ingevoegd «of».
3. In onderdeel b wordt «of» vervangen door een punt.
4. Onderdeel c vervalt.
Na artikel 189a van de Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek wordt een artikel ingevoegd, luidende:
De wijzigingen in artikel 173 lid 2 van Boek 6, de afdelingen 3 en 5 van titel 3 van Boek 6 en in artikel 24 lid 2 van Boek 7 door de Implementatiewet richtlijn herziening productaansprakelijkheid zijn niet van toepassing op producten die vóór 9 december 2026 in de handel zijn gebracht of in gebruik zijn gesteld. Op die producten blijven artikel 173 lid 2 van Boek 6, de afdelingen 3 en 5 van titel 3 van Boek 6 en artikel 24 lid 2 van Boek 7 van toepassing, zoals die vóór die datum golden.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven,
De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
De Minister van Economische Zaken,