Voorgesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 16 maart 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Kamer heeft besloten dat dakloze gezinnen met minderjarige kinderen recht moeten hebben op urgentie bij de toewijzing van sociale huurwoningen;
constaterende dat verschillende uitsluitingsgronden en aanvullende voorwaarden ertoe kunnen leiden dat dit recht in de praktijk moeilijk toepasbaar wordt;
overwegende dat dakloosheid zich in verschillende vormen voordoet, waaronder mensen die feitelijk dakloos zijn, tijdelijk bij anderen verblijven of dreigen hun woning te verliezen;
overwegende dat de Europese ETHOS-definitie een breed en internationaal erkend kader biedt voor het definiëren van dakloosheid;
verzoekt de regering de uitsluitingsgronden die het recht op urgentie voor dakloze gezinnen beperken te schrappen en een nieuw voorstel voor te bereiden dat urgentie mogelijk maakt voor mensen die volgens de ETHOS-definitie dakloos zijn of dreigen te worden,
en gaat over tot de orde van de dag.
Beckerman