Voorgesteld 19 maart 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de taaleis in de Participatiewet is vormgegeven als inspanningsverplichting;
constaterende dat bij handhaving van de taaleis momenteel centraal staat dat een bijstandsgerechtigde zich dient in te spannen om zijn of haar beheersing van de Nederlandse taal te verbeteren;
overwegende dat het niet alleen de inspanning, maar ook het snel daadwerkelijk beter beheersen van de Nederlandse taal van belang is;
verzoekt de regering met voorstellen te komen om de taaleis in de Participatiewet nadrukkelijker als resultaatsverplichting vorm te geven,
en gaat over tot de orde van de dag.
Ceulemans