Voorgesteld 19 maart 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de tegenprestatie in de Participatiewet is omgevormd tot de zogeheten maatschappelijke participatie;
overwegende dat het leveren van een maatschappelijk relevante tegenprestatie een belangrijk uitgangspunt binnen de bijstand dient te zijn;
overwegende dat door het omvormen van de tegenprestatie naar de maatschappelijke participatie dit principe onder druk kan komen te staan;
verzoekt de regering nadere voorwaarden te stellen aan de maatschappelijke participatie in de Participatiewet, met als insteek deze meer als tegenprestatie richting de maatschappij vorm te geven,
en gaat over tot de orde van de dag.
Ceulemans