Voorgesteld 5 februari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende het feit dat veel ouderen en mensen met een aandoening of handicap minder vaak of minder lang de deur uit durven omdat zij afhankelijk zijn van een toilet in de buurt;
overwegende het feit dat dit kan bijdragen aan vereenzaming of een nodeloze inperking van de bewegingsvrijheid;
overwegende het feit dat het ook door Nederland ondertekende VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap gelijke rechten, zelfstandigheid en inclusie voor mensen met een lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking garandeert, en de overheid verplicht om toegankelijkheid in al haar facetten te bevorderen;
overwegende dat openbare toiletten vanuit gemeenten geregeld kunnen worden;
verzoekt de regering te onderzoeken hoe het aantal goede openbare toiletten op logische plekken substantieel kan worden uitgebreid, en de Tweede Kamer daarvoor een plan te sturen,
en gaat over tot de orde van de dag.
Struijs
Van Brenk
Tseggai
Beckerman