Voorgesteld 28 januari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat bij de EU-lening aan Oekraïne onduidelijkheid bestaat tussen de lidstaten en de Commissie over wie de rentekosten zal gaan dragen;
overwegende dat Nederland niet moet opdraaien voor extra rentelasten boven op bestaande afspraken;
verzoekt de regering om in EU-verband geen instemming te geven aan afspraken waarbij Nederland rentekosten van Europese leningen aan Oekraïne moet betalen;
verzoekt de regering te bepleiten dat de Commissie dit betaalt vanuit de EU-begroting,
en gaat over tot de orde van de dag.
Hoogeveen