Voorgesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 2 februari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Kamer onder andere de motie-Bromet/Van Esch (2023) en de motie-Van Ginneken/Tjeerd de Groot (2023) heeft aangenomen om onder andere alle relevante onttrekkingen van water en alle relevante vervuilingsbronnen in kaart te brengen en een meldplicht in te stellen;
constaterende dat de Minister nu door middel van meld-, meet- en registratieplichten wil regelen dat er meer inzicht komt in kleinere onttrekkingen van grond- en oppervlaktewater;
constaterende dat nog niet duidelijk is hoe de ondergrens voor meldingen van grond- en oppervlaktewateronttrekkingen precies bepaald wordt en of cumulatieve effecten daarbij worden meegenomen;
verzoekt de regering om wetenschappers advies te laten geven over een passende ondergrens voor meldingen van onttrekkingen van grond- en oppervlaktewater en daarbij de cumulatieve effecten mee te laten nemen,
en gaat over tot de orde van de dag.
Kostić