Kamerstuk 36688-(R2205)-7

Motie van het lid Faber over vreemdelingen niet gelijkstellen met personen die de Nederlandse nationaliteit bezitten

Dossier: Goedkeuring van het op 18 december 2023 te Rabat tot stand gekomen Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake uitlevering (Trb. 2024, 1)

Gepubliceerd: 28 mei 2026
Indiener(s): Marjolein Faber (PVV)
Onderwerpen: internationaal internationale samenwerking
Bron: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36688-7.html
ID: 36688-(R2205)-7

30,7 %
69,3 %

CU

Groep Markuszower

SGP

Volt

DENK

JA21

CDA

PvdD

GroenLinks-PvdA

VVD

PVV

50PLUS

SP

FVD

D66

BBB


Nr. 7 MOTIE VAN HET LID FABER

Voorgesteld 28 mei 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat Nederland een interpretatieve verklaring heeft afgelegd waarin het het begrip «Nederlanderschap» in de zin van artikel 4 van het verdrag uitlegt;

constaterende dat Nederland hier onderscheid maakt in twee categorieën: personen die de Nederlandse nationaliteit bezitten en vreemdelingen die in de Nederlandse samenleving zijn geïntegreerd;

overwegende dat vreemdelingen voor het begrip «Nederlanderschap» gelijk worden gesteld met personen die de Nederlandse nationaliteit bezitten en dit absoluut ontoelaatbaar is;

verzoekt de regering de interpretatieve verklaring aan te passen zodat vreemdelingen niet langer gelijk worden gesteld met personen die de Nederlandse nationaliteit bezitten,

en gaat over tot de orde van de dag.

Faber