Voorgesteld 28 mei 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat Nederland in een interpretatieve verklaring kenbaar gemaakt heeft dat vreemdelingen die «geheel geïntegreerd zijn in de Nederlandse samenleving» voor uitlevering gelijk worden behandeld aan Nederlanders;
constaterende dat het criterium hiervoor vijf jaar rechtmatig verblijf in Nederland is;
overwegende dat deze termijn kan samenhangen met de termijn van een tijdelijke verblijfsvergunning;
verzoekt de regering de termijn voor gelijke behandeling tussen Nederlanders en niet-Nederlanders bij uitlevering niet te verkorten, parallel aan het verkorten van de termijn van de tijdelijke verblijfsvergunning,
en gaat over tot de orde van de dag.
Ceulemans