Kamerstuk 35592-11

Amendement van het lid Strolenberg c.s. over het uitzonderen van ondernemingen met minder dan tien werknemers

Dossier: Voorstel van wet van het lid Maatoug tot wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet in verband met het verplicht stellen van een vertrouwenspersoon


Nr. 11 AMENDEMENT VAN HET LID STROLENBERG C.S.

Ontvangen 8 maart 2023

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

In artikel I, onderdeel D, wordt in het voorgestelde artikel 13a na het opschrift een lid ingevoegd, luidende:

  • 0. Dit artikel is van toepassing op arbeidssituaties in ondernemingen waar in de regel ten minste tien personen werkzaam zijn. Artikel 1, tweede tot en met vierde lid, van de Wet op de ondernemingsraden is van overeenkomstige toepassing.

Toelichting

Het initiatiefvoorstel legt de vele honderdduizenden Nederlandse ondernemingen en organisaties eenzelfde verplichting op, namelijk het aanstellen van een vertrouwenspersoon. Dit gebeurt via een wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet. Deze wet is, als kaderwet, vormgegeven om ondernemers de ruimte te bieden om de verplichte doelen uit de wet te vertalen naar concreet beleid op de werkvloer. Onder die verplichte doelen valt onder andere het zorgen voor een veilige werkomgeving. Omdat een specifieke maatregel als een verplichte vertrouwenspersoon voor elke onderneming een hoge regeldruk bij het Nederlandse MKB legt, regelt dit amendement dat kleine ondernemers en organisaties tot en met tien werknemers ontzien worden van de maatregel. Denk hierbij aan familiebedrijven, kleine stichtingen en MKB’ers in de dorpsstraat.

Kleine Nederlandse ondernemers en organisaties ervaren een toenemende lastendruk. Bovendien zijn zij soms niet langer in staat om van alle regels op de hoogte te zijn, waardoor een nauwkeurige naleving in het geding kan komen. Maar liefst 58% van de ondernemers is zelfs genoodzaakt om deskundigen in te huren om te kunnen voldoen aan alle regeldruk. Het initiatiefvoorstel adresseert deze grote zorgen niet, en onderschat bovendien de kosten die een verplichte vertrouwenspersoon voor (kleine) ondernemers en organisaties kan en zal vormen. Bovendien ontbreekt een feitelijke of wetenschappelijke onderbouwing voor de kostenraming.

Strolenberg Van der Plas Den Haan