Kamerstuk 34000-VIII-86

Verplichtingenmutaties na de Najaarsnota OCW

Dossier: Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2015

Gepubliceerd: 26 februari 2015
Indiener(s): Sander Dekker (staatssecretaris onderwijs, cultuur en wetenschap) (VVD)
Onderwerpen: begroting financiƫn
Bron: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-34000-VIII-86.html
ID: 34000-VIII-86

Nr. 86 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 26 februari 2015

Met deze brief informeer ik u, vooruitlopend op de Slotwet en het jaarverslag 2014, over de verplichtingenmutaties na de 2e suppletoire begroting. Dit is conform de Rijksbegrotingsvoorschriften (RBV). Het gaat in deze brief om één verplichtingmutatie van € 331.256.000 op artikel 16 Onderzoek en Wetenschapsbeleid. Het betreft hier een technische aanpassing van de verplichtingenraming om aan te sluiten bij de gerealiseerde verplichtingenstand.

De onderwijsinstellingen zijn voor de indeling van hun jaarrekening een aantal jaren geleden overgestapt op de Regeling jaarverslaggeving onderwijs (RJO). Vanaf verslagjaar 2012 geldt deze regeling ook voor NWO, wat voor NWO grote voordelen biedt in termen van transparantie en sturingsinformatie. In de praktijk betekent het ook dat alle reeds aangegane subsidieverplichtingen direct en volledig als last worden genomen en als schuldpositie op de balans zichtbaar worden. Dit betekent dus dat in de jaarrekening van NWO de voorheen «niet uit de balans blijkende verplichtingen» vanaf dat moment dienen te worden opgenomen in de balans. Tegenover deze schuldpositie staat dan een boekhoudkundige vordering op OCW, ter dekking van deze verplichtingen. Toepassing van de RJO heeft dus geen materiële gevolgen voor de verplichtingenruimte van OCW en NWO, maar zorgde wel voor een voorwaardelijke vordering van ruim 900 miljoen euro, die in het departementale jaarverslag 2013 van OCW is opgenomen als een «niet uit de saldibalans blijkende bestuurlijke verplichting» en dus in het jaarverslag 2013 niet in de balans is opgenomen.

Bij invoering van de RJO is afgesproken dat de effecten hiervan bij OCW en NWO in 2013/2014 geëvalueerd zouden worden. Uit deze evaluatie bleek dat deze «niet uit de balans blijkende bestuurlijke verplichting» voor een gedeelte moet worden aangemerkt als een vordering van NWO op OCW en dus wel voor een gedeelte moet worden opgenomen in de saldibalans. Dit is de reden dat OCW een bedrag van € 331.256.000 als aangegane verplichting heeft opgenomen in het departementaal jaarverslag 2014. Het precieze bedrag werd pas eind 2014 duidelijk, waardoor deze aanpassing niet meer meegenomen kon worden in de 2e suppletoire begroting van OCW.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, S. Dekker