Kamerstuk 33750-A-71

Uitvoeringsbeslissingen over de aanleg van extra ligplaatsen langs het Nederlandse vaarwegennetwerk bij de Prinses Margrietsluis te Lemmer en bij de Prins Bernhardsluis in het Amsterdam-Rijnkanaal bij Tiel

Dossier: Vaststelling van de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds voor het jaar 2014

Gepubliceerd: 12 juni 2014
Indiener(s): Melanie Schultz van Haegen (minister infrastructuur en waterstaat) (VVD)
Onderwerpen: begroting financiƫn
Bron: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-33750-A-71.html
ID: 33750-A-71

Nr. 71 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 12 juni 2014

Hierbij informeer ik u over beslissingen die ik heb genomen over de aanleg van extra ligplaatsen langs het Nederlandse vaarwegennetwerk, namelijk bij de Prinses Margrietsluis te Lemmer en bij de Prins Bernhardsluis in het Amsterdam-Rijnkanaal bij Tiel. Deze extra ligplaatsen worden aangelegd in het kader van de motie Dijkgraaf/De Rouwe en het bijbehorende amendement ligplaatsen, nr. 10 (Kamerstuk 33 000 A, nr. 10).

Voor de ligplaatsen bij Lemmer kan ik uw Kamer melden, dat de oplossingen die zijn geïnventariseerd in het kader van het amendement meteen ook leiden tot een projectbeslissing voor het MIRT-project Capaciteit Ligplaatsen Lemmer-Delfzijl.

Ook het uitbreiden van de ligplaatsen bij de Prins Berhardsluis leidt ertoe, dat voor het deelproject «Ligplaatsen Amsterdam-Rijnkanaal-zuid» als onderdeel van het MIRT-project «Toekomstvisie Waal» direct een projectbeslissing kan worden genomen.

Beide MIRT-projecten stonden geprogrammeerd voor de periode na 2020. De aanpak van de ligplaatstekorten ter plaatse kan nu met behulp van de middelen van het amendement al in de periode 2014–2015 worden gerealiseerd.

Met beide beslissingen is het totale budget van € 6 mln van het amendement belegd. Het totale effect van de uitvoering van het amendement is een toevoeging van 66 tot 68 extra ligplaatsen voor de beroepsvaart.

Zoals ik in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte heb aangegeven, zijn de investeringen van mijn ministerie gericht op het verbeteren van de bereikbaarheid van de main-, brain- en greenports en de belangrijke achterlandverbindingen. Ligplaatsen spelen een belangrijke rol in het vergroten van de veiligheid en efficiëntie, zodat de vaarwegen beter kunnen worden benut. De maximale vaartijden van schepen zijn wettelijk vastgelegd; alleen bij voldoende beschikbare ligplaatsen kunnen de schippers die vaartijd optimaal gebruiken voor het vervoer over water.

De beslissingen waarover ik u in deze brief informeer, lossen – tezamen met reeds in uitvoering zijnde ligplaatsprojecten – belangrijke ligplaatsknelpunten op in het hoofdvaarwegennet en geven zodoende een impuls aan de bereikbaarheid van Nederland over het water.

Projectbeslissing ligplaatsen Lemmer-Delfzijl

De Prinses Margrietsluis bij Lemmer vormt de toegang tot de vaarweg Lemmer-Delfzijl vanaf het IJsselmeer. De verkenning «Capaciteit Ligplaatsen Lemmer-Delfzijl», die onlangs door de provincies Friesland en Groningen is uitgevoerd, geeft aan, dat een deel van het ligplaatsentekort op de vaarweg Lemmer-Delfzijl met beheersmaatregelen kan worden opgelost, maar dat fysieke uitbreiding van de ligplaatscapaciteit bij de Prinses Margrietsluis met tenminste twee plaatsen noodzakelijk is.

Op twee plaatsen kan de ligplaatscapaciteit worden verbeterd, namelijk:

  • Ten noorden van de sluis, door verlenging van bestaande voorzieningen met 70 resp. 90 meter ligplaatslengte (ca. 2 plaatsen);

  • Ten zuiden van de sluis, door kwaliteitsverbetering van de bestaande voorzieningen in de voorhaven, zodat hier grotere schepen van klasse V kunnen aanleggen, in plaats van de huidige klasse IV.

Met deze maatregelen worden mogelijk nog méér ligplaatsen toegevoegd. Er wordt nog onderzocht, of aan weerszijden van de nieuwe palen aan de zuidzijde van de sluis kan worden afgemeerd, zodat nog eens drie grote schepen hier ligplaats kunnen nemen. Bovendien worden zo mogelijk de oude palen hergebruikt om elders in de voorhaven nieuwe ligplaatsen voor duwbakken te creëren.

De provincie Friesland is bereid gevonden om de aanpassingen te realiseren. Hiermee is een bedrag van € 1,23 mln gemoeid.

De verkenning «Capaciteit Ligplaatsen Lemmer-Delfzijl» bevatte naast infrastructurele maatregelen ook enkele beheersmaatregelen, die door de provincies Friesland en Groningen en Rijkswaterstaat moeten worden doorgevoerd. Hiertoe zijn echter geen extra middelen uit het Infrafonds nodig, zodat met bovengenoemde maatregelen meteen ook een projectbeslissing kon worden genomen voor het MIRT-project «Capaciteit Ligplaatsen Lemmer-Delfzijl».

Planning

De maatregelen worden in 2014 gerealiseerd.

Projectbeslissing ligplaatsen Amsterdam-Rijnkanaal Zuid

De Prins Bernhardsluis bij Tiel vormt de toegang vanaf de Waal naar het Amsterdam-Rijnkanaal, één van de drukste noord-zuidverbindingen van Nederland. De in 2011 uitgevoerde verkenning naar ligplaatstekorten op dit kanaal toont aan, dat er vooral in het zuidelijk deel nabij de Waal veel druk is op ligplaatsvoorzieningen. Daarom heb ik in 2011 een deelstudie toegevoegd aan het MIRT-project Toekomstvisie Waal. Het tekort ter plaatse bedraagt ca. 6 ligplaatsen.

Het ligplaatsentekort kan met behulp van drie maatregelen worden opgelost:

  • Beheersmaatregelen ten behoeve van een optimale verdeling van de ligplaatscapaciteit tussen Utrecht en Tiel;

  • Aanleg van drie extra meerpalen met eenvoudige afloopvoorzieningen, ten noordwesten van de sluis; hierop kunnen max. 6 schepen van de grootste klasse ligplaats nemen;

  • Aanwijzen van een gebied waar met behulp van zgn. «spudpalen» (voorziening aan boord van sommige schepen, om het schip vast te leggen) ligplaats kan worden genomen.

Ten aanzien van het gebruik van spudpalen in het beoogde gebied moet nog wel worden onderzocht en gemonitord, of de bodem van het kanaal hier voldoende tegen bestand is. Indien het gebruik van spudpalen haalbaar blijkt, dan biedt deze maatregelen extra ligplaatsruimte voor 2 tot 4 schepen, afhankelijk van de afmeting en ligging van de schepen.

Bovengenoemde maatregelen kunnen allen binnen beheersgebied van Rijkswaterstaat worden uitgevoerd en zijn niet MER-plichtig.

Met de realisatie is een bedrag van € 1,45 mln gemoeid.

Omdat de realisatie van deze maatregelen het ligplaatstekort in het zuidelijk deel van het Amsterdam-Rijnkanaal oplost en de ingrepen zonder verdere studie kunnen worden gerealiseerd, kon ook voor het deelproject «Ligplaatsen Amsterdam-Rijnkanaal-zuid» als onderdeel van het MIRT-project Toekomstvisie Waal een projectbeslissing worden genomen.

Planning

De maatregelen worden in 2015 gerealiseerd.

Resultaat amendement

Zoals ik reeds in mijn inleiding aangaf, worden met de realisatie van de projecten die uit het amendement zijn bekostigd, in het totaal 66 tot 68 ligplaatsen toegevoegd:

  • 51 ligplaatsen op de Maas bij Weurt, Heijen/Gennep, Sambeek en Belfeld (reeds gerealiseerd)

  • 2 (kegel)ligplaatsen bij de Plofsluis op het noordelijk deel van het Amsterdam-Rijnkanaal (oplevering verwacht in 2014/2015)

  • Minimaal 5 ligplaatsen bij sluis Lemmer (oplevering verwacht in 2014)

  • 8–10 ligplaatsen langs het zuidelijk deel van Amsterdam-Rijnkanaal (oplevering verwacht in 2015)

Deze extra ligplaatsen lossen een aanzienlijk deel van de Top 10 ligplaats-knelpunten van Koninklijke Schuttevaer op.

Naast deze maatregelen die in 2014 en 2015 worden uitgevoerd, werk ik verder aan de aanpak van de overige ligplaatstekorten zoals die geprogrammeerd staan in het MIRT.

De Minister van Infrastructuur en Milieu, M.H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus