Kamervraag 2026Z21565

Ernstige hinder en slaapverstoring in de woonomgeving door windturbines en de totstandkoming van landelijke windturbinenormen

Ingediend 8 oktober 2026
Indiener Henk Vermeer (BBB)
Onderwerpen geluid natuur en milieu
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z21565.html
1. RIVM, augustus 2025, «Onderzoek Beleving Woonomgeving (OBW), Hinder e…
2. Gemeenteraad Amersfoort, Vergadering commissie omgeving 15 april 2025 (1.18.33) (amersfoort.raadsinformatie.nl/vergadering/1352624/Commissie%20Omgeving?s=08)
  • Vraag 1
    Bent u bekend met de RIVM/CBS-rapporten van de Onderzoeken Beleving Woonomgeving (OBW) naar hinder en slaapverstoring?1
  • Vraag 2
    Kunt u voor de jaren 2019 tot en met 2024 aangeven welk percentage van de Nederlandse bevolking van 16 jaar en ouder volgens het Onderzoek Beleving Woonomgeving ernstige geluidhinder respectievelijk ernstige slaapverstoring door windturbines rapporteerde?
  • Vraag 3
    Kunt u deze percentages per jaar vertalen naar geschatte aantallen Nederlanders en daarbij de betrouwbaarheidsintervallen, steekproefomvang en eventuele gevolgen van afronding vermelden?
  • Vraag 4
    Hoe verklaart u dat de gerapporteerde ernstige slaapverstoring door windturbinegeluid gemiddeld 0,1 procent bedroeg in 2019 tot en met 2022, 0,4 procent in 2023 en 0,3 procent in 2024? Zijn deze verschillen statistisch significant en hoe beoordeelt u deze ontwikkeling?
  • Vraag 5
    Welke oorzaken van deze verschillen zijn onderzocht en welke conclusies kunnen daaruit worden getrokken?
  • Vraag 6
    Is onderzocht of de ontwikkeling van ernstige hinder en slaapverstoring samenhangt met veranderingen in het aantal windturbines, de tiphoogte, het vermogen, de rotordiameter of de afstand tot woningen? Zo ja, wat zijn de uitkomsten? Zo nee, waarom niet?
  • Vraag 7
    Klopt het dat tijdens een informatiebijeenkomst voor de gemeenteraad van Amersfoort op 15 april 2025 een percentage van 0,0 procent ernstige slaapverstoring door windturbines is gepresenteerd, terwijl het meest recente Onderzoek Beleving Woonomgeving over 2023 uitkwam op 0,4 procent, en hoe verklaart u dit verschil en wat zegt dit volgens u over de wijze waarop actuele RIVM-gegevens over windturbinehinder hun weg vinden naar decentrale overheden?2
  • Vraag 8
    Acht u het wenselijk dat gemeenten en provincies besluiten over windturbineprojecten kunnen baseren op cijfers die afwijken van de meest recente RIVM-onderzoeken en, zo nee, welke verantwoordelijkheid ziet u voor het RIVM en het kabinet om dergelijke situaties te voorkomen?
  • Vraag 9
    Welke concrete waarborgen gelden voor de actualiteit en volledigheid van informatie die door of namens het RIVM, GGD’en en door de overheid ondersteunde expertisepunten over windturbines wordt verstrekt?
  • Vraag 10
    Welke kennis ontbreekt momenteel nog over de gevolgen van langdurige blootstelling aan windturbinegeluid, laagfrequent geluid en infrageluid voor hinder, slaap en gezondheid en, voor zover dergelijke kennis ontbreekt, acht u de huidige wetenschappelijke basis voldoende om te bepalen welke afstand en welk geluidsniveau nodig zijn om omwonenden voldoende te beschermen?
  • Vraag 11
    Welke resultaten moet het lopende RIVM-onderzoek naar de blootstelling-responsrelatie tussen windturbinegeluid, hinder en slaapverstoring opleveren, wanneer worden deze resultaten verwacht en kunnen deze nog worden verwerkt in de nieuwe landelijke windturbinenormen?
  • Vraag 12
    Waarom behoren kinderen jonger dan 16 jaar niet tot de doelpopulatie van het OBW en via welk onderzoek worden hinder en slaapverstoring door windturbinegeluid bij deze groep wel vastgesteld?
  • Vraag 13
    Op welke wetenschappelijke gegevens baseert het kabinet zich bij de bescherming van kinderen tegen nachtelijk windturbinegeluid, zolang rechtstreeks onderzoek onder deze leeftijdsgroep ontbreekt?
  • Vraag 14
    Welke concrete rol spelen ernstige hinder en slaapverstoring bij de vaststelling van de landelijke normen voor geluid en afstand, welk beschermingsniveau wil het kabinet daarmee voor omwonenden bereiken en hoe wordt daarbij omgegaan met bestaande onzekerheden over mogelijke gezondheidseffecten?
  • Vraag 15
    Welke regels gelden voor windprojecten waarover gemeenten en provincies besluiten, voordat de nieuwe landelijke windturbinenormen in werking treden?
  • Vraag 16
    Hoe voorkomt u dat in deze tussenperiode projecten worden vergund op basis van lokaal vastgestelde normen die omwonenden minder bescherming bieden dan de toekomstige landelijke normen en welke gevolgen heeft het voor reeds verleende vergunningen, indien de landelijke normen uiteindelijk strenger blijken te zijn?

Kamervraag document nummer: kv-tk-2026Z21565
Volledige titel: Ernstige hinder en slaapverstoring in de woonomgeving door windturbines en de totstandkoming van landelijke windturbinenormen